Het verhaal van Wilma (54 jaar)

Gezinssituatie:Vader Pim, moeder Wilma, kinderen Bart, Richard en Jacqueline. Pim en Wilma zijn gescheiden. Tien jaar geleden dronk Wilma te veel alcohol. De verhalen van haar zoon Richard en haar dochter Jacqueline zijn opgenomen in deze publicatie (klik hier voor het verhaal van Richard, klik hier voor het verhaal van Jacqueline).

Over Wilma

Levensmotto: ‘Zijn’: dankbaar zijn dat ik mag zijn wie ik ben.

Beroep: klarinettiste en pianiste

Hobby’s: muziek maken, lezen, trainen

Zo omschrijf ik mezelf: zorgzaam, muzikaal, dienend

Ik ben Wilma

Na jarenlang verslaafd te zijn aan alcohol ben ik sinds drie jaar gestopt met drinken. Ik heb nooit meer een druppel aangeraakt. Het is een wonder dat ik hier nu zit zoals ik hier zit. Ik wil mijn verhaal delen met anderen omdat ik hoop dat iemand er wat aan heeft. Het is fijn om te merken dat mijn kinderen Richard en Jacqueline hun verhaal ook doen. Ze hebben dezelfde insteek als ik om anderen te willen helpen. Waar ik nu naar streef is tijd met mijn kinderen en mijn vriend doorbrengen en ‘zijn’. Leven in het hier en nu en dankbaar zijn dat ik mag zijn wie ik ben.

Mijn verleden

Jaren geleden had ik een fijne relatie met Pim, de vader van mijn drie kinderen. Na de geboorte van onze eerste zoon Bart kregen we een gehandicapt kindje dat bij de geboorte overleed. Het verdriet dat je dan overkomt is onbeschrijfelijk, ik viel in een diep gat. Het verdriet om het verlies van ons tweede kindje hebben Pim en ik op onze eigen manier verwerkt. En mijn manier van het verwerken heeft onze relatie en mijn leven helaas geen goed gedaan. Ik ben een half jaar in de ziektewet geweest na het overlijden van ons tweede kindje en toen is mijn alcoholgebruik toegenomen. Ik merkte dat het een goed verdovingsmiddel was voor de pijn en het verdriet dat me was overkomen. Mijn drankgebruik is minder geworden in de tijd dat mijn andere twee kinderen Richard en Jacqueline werden geboren. Omdat ik gestudeerd heb op het conservatorium heb ik gewerkt op muziekscholen. Op de school van mijn kinderen heb ik fluitles gegeven. Ik was echt een moeder die thuis zat met koekjes bij de thee. Op dat soort momenten dronk ik ook niet. Maar als er wat was, als ik stress had of er waren meningsverschillen met mijn man, dan merkte ik dat de verslaving het overnam van mij. Zo gaande weg sloop deze gewoonte erin omdat ik mij heel erg eenzaam voelde, terwijl ik zoveel mensen om me heen had die om mij gaven. Mensen om mij heen hadden mij nodig en ik heb hun vertrouwen beschaamd omdat ik keer op keer zwaar over hun grenzen heen ben gegaan. Het alcoholgebruik maakt dat je gaat ontkennen en ontkennen. Je schaamt je dood.

Toen mijn kinderen op de basisschool zaten hebben Pim en ik een spiritueel centrum geleid samen met een ander echtpaar John en Els. Ik gaf onder andere kinderyoga en dat deed ik dan onbetaald terwijl John, zo bleek later, mijn geld achterhield. De activiteiten die we deden waren achteraf helemaal niet goed en het geheel was eigenlijk niet spiritueel maar heel demonisch (kwaadaardig). We trokken veel met elkaar op. Met ons gezin gingen we met hun gezin op vakantie, de relatie was intiem. Maar Els had te veel macht over mij. Ik liet mij jarenlang veel te veel beïnvloeden door haar. We hadden ons huis al te koop staan om samen met hen op een boerderij te gaan wonen maar uiteindelijk heeft Pim besloten om het niet te doen en de samenwerking stop te zetten. Ik had er heel veel verdriet van maar achteraf was het een hele goede beslissing. John en Els werden heel kwaad op ons dat we de samenwerking stopten. Het bleef niet bij kwaad zijn maar ze deden ook erg naar en maakten ons leven zuur.

Loyaliteit

In die periode is mijn drankgebruik zodanig toegenomen dat ik er geen grip meer op had. Opnames in de verslavingszorg volgden. Vanuit een crisisplaats ben ik overgegaan naar een 24 uurs behandeling en daar heb ik twee keer een behandeling gevolgd. Door het drinken van alcohol heb ik een evenwichtsstoornis opgelopen. Ik heb in die periode besloten om te verhuizen en op mezelf te gaan wonen. Pim en de kinderen bleven in ons oude huis. Mijn kinderen vertrouwden mij in die periode voor geen meter. Want ook al zei ik dat ik niet had gedronken dan nog had ik gedronken. Ik kon het hen niet kwalijk nemen. Ze waren soms heel boos en dat is terecht uiteraard maar ze hebben me niet echt laten vallen. De kinderen zorgden voor mij. Mijn zoon Bart heeft me wel eens naar boven gedragen als ik in de kamer lag. Dan zei hij: ‘Je kan beter hier boven liggen mam, want we krijgen zo visite’. Ik vind het heel erg als ik hier aan terugdenk. Verslaving is een heel vernederend iets. Jacqueline heeft me ook wel eens aangekleed of gezegd dat ik mijn trui beter moest aandoen. Toen ik ging verhuizen kwam Bart bijna niet langs. Jacqueline kwam regelmatig. Ik was ziek van de alcohol, ook als ik niet dronk. Jacqueline was loyaal naar mij toe, terwijl ik niet loyaal naar mezelf was. Ik voelde me niet echt mezelf naar haar toe. Ik was ook niet loyaal naar mezelf. Het was pure zelfvernietiging waar ik mee bezig was.

Foute relatie

Tijdens een behandeling kwam ik in een foute relatie terecht met één van mijn medecliënten Yassin. Deze relatie die zeven jaar duurde heeft me echt de das om gedaan en is bijna mijn dood geworden. Ik ben met hem gaan samenwonen terwijl hij mij onderdrukte en geestelijk en lichamelijk mishandelde. Ik had totaal geen eigenwaarde en dacht heel slecht over mezelf. Als je in zo’n moeilijke tijd zit is een fijne hulpverlener meer dan noodzakelijk. Iemand met een luisterend oor en iemand die werkt vanuit wat ik nog wel kan. Mijn hulpverleenster van de verslavingszorg Jannie is er een uit duizenden. Mijn dank  is groot naar haar. Met Jannie sprak ik niet meer thuis af zodat ik vrijer kon praten omdat ik me niet veilig voelde thuis. Op een gegeven moment was de situatie zo ernstig dat Jannie dacht dat ze me levenloos zou aantreffen in mijn huis. Yassin heeft me op het dieptepunt van onze relatie door een ruit gegooid waarbij ik mijn knie bijna heb verbrijzeld. Ik heb echter altijd wel geknokt om mijn leven voort te zetten. Het is me uiteindelijk gelukt om mezelf te vinden en Yassin niet mijn leven te laten bepalen.

Hoe ik gestopt ben met drinken

Ik heb in de tijd dat ik in behandeling was bij de verslavingszorg twee keer in de week gewerkt in een hospice. Het was zwaar werk maar mooi werk. Ik kon de alcohol dan laten staan als ik daar ging werken. De psychiater gaf me uiteindelijk via Jannie, mijn hulpverleenster, het advies om naar een herstellingsoord te gaan. Een plek waar ik tot rust zou kunnen komen en waar rouwverwerking centraal staat. Ook fysieke afstand van Yassin zou me goed doen omdat ik nog niet van Yassin af was. Ik heb in dat herstellingsoord  verschillende therapieën ontvangen waaronder creatieve therapie. Ik moest bijvoorbeeld een keer echt boos doen naar mijn therapeut. Zij mochten ‘alles’ doen om me boos te krijgen. Ik was nog nooit boos geworden tegen Yassin. Op een groot papier moest ik vervolgens Yassin schilderen. Die papieren heb ik vervolgens van de wand afgerukt en verbrand. Wat ben ik kwaad geworden zeg.

Toen ik in dat herstellingsoord hulp kreeg, kwam ik in aanraking met een gespreksgroep en tevens gebedsgroep. Deze groep voelde fijn en zij opperden dat ik bij hen zou kunnen wonen. Maar daar was ik niet voor in. Die les had ik wel geleerd, ik wilde op mezelf wonen. Via een lid van de gespreksgroep ben ik in een huis terecht gekomen waar ik nu nog woon. Ik twijfelde als nog of ik het moest doen want inmiddels had ik ook werk gevonden in mijn toenmalige woonplek. Spijt heb ik echter nooit gehad van de beslissing om hier te komen wonen.

Via de gespreksgroep ben ik in contact gekomen met mijn huidige vriend Stanley. Op de avond van mijn verhuizing heeft hij voor mij gezongen. Hij heeft al biddend gezongen en die ‘aanraking’ heeft ervoor gezorgd dat ik voorgoed gestopt ben met drinken. Drie weken was ik al gestopt en dat moment heeft zoveel met me gedaan. In een klap dacht ik ‘nee, ik ga niet meer drinken’. Ik wist toen niet dat het op een relatie zou uitlopen want ik had het helemaal gehad met mannen. Het is begonnen als een vriendschap, waarbij ik alles afhield wat maar leek op liefde. Maar we hadden zoveel raakvlakken met elkaar dat ik de liefde niet kon ontkennen. Wij zijn in ondertrouw met elkaar omdat de relatie zo goed voelt. We kunnen echter niet trouwen want ik heb schulden vanwege mijn relatie met Yassin. Yassin had mijn pinpas en heeft mijn geld van de bank gehaald en mijn goed gevulde rekening opgemaakt. Met hulp van Stanley klim ik nu uit het dal. Hij is een heel fijn mens. Hij kan goede gesprekken voeren met mijn kinderen. Hij heeft ook veel humor. Stanley is daarnaast erg gelovig en wil graag sober leven. Hij zorgt goed voor mij en is liefdevol naar iedereen in zijn omgeving. Stanley heeft ervoor gezorgd dat ik onder bewind sta en een schuldsaneringstraject heb. Lichamelijk was ik een wrak en ook daar draagt Stanley zorg voor. Ik kon geen klarinet meer spelen maar met behulp van oefeningen en training is het me weer gelukt. Ik kan niet uitdrukken hoe blij ik daarmee ben.

Wat ook heel ondersteunend was in mijn herstel is het contact met mijn beste vriendin Julia. We hebben elkaar leren kennen op het conservatorium en waren elkaar uit het oog verloren. Alsof het zo moest zijn kwam ik op de eerste dag in mijn nieuwe stad haar spontaan tegen in een winkelcentrum. We hebben onze vriendschap weer opgepakt en met haar kan ik mezelf helemaal delen.

Mijn identiteit

Alcohol kan terug gaan in de generaties en dat is ook in onze familie het geval. Twee broers van mijn moeder waren alcoholist en één daarvan is ook daaraan overleden. Mijn opa was ook alcoholist en dat heeft mijn moeder nooit verteld aan mij. Dat betekent dus wel dat je verslavingsgevoelig bent en dan kan iedereen zeggen ‘je hebt een keuze’, maar op een gegeven moment heb je het niet meer in de hand. Het zit nu niet meer in mijn systeem maar het was een lange weg die ik daarvoor op moest gaan. Alles draait volgens mij om identiteit en echte liefde. Ik had geen identiteit. Als ik jou nu vraag ‘wie ben jij’ welk antwoord geef je dan? Noem je je beroep? Noem je dat wat mensen over jou zeggen? Of noem je wat je zelf vindt wie je bent? Ik wist totaal niet meer wie ik was. Ik had geen zelfrespect meer. Nu ik mezelf weer heb terug gevonden, heb ik weer respect voor mezelf. Ik weet dat ik geliefd ben en mijn geloof geeft mij kracht.

Ik heb mezelf dat hele gedoe rondom die alcohol kunnen vergeven. Dat raak je niet zomaar kwijt, dat heeft heel lang geduurd. Ik heb Yassin vergeven voor het feit dat hij mij zo mishandeld heeft. De kinderen hebben het mij ook echt vergeven. Kijk, ik was gewoon echt niet makkelijk en voor de kinderen was ik ook niet makkelijk. Maar ik mag nu van mezelf zijn wie ik ben. Het gevoel van schaamte is weg. Het is gebeurd, punt. Ik heb er geen moeite meer mee. Je kan twee dingen doen als je stopt met drinken. Je kan alles willen vergeten en het er niet meer over hebben of alles onder ogen zien en de insteek hebben dat alles wat je hebt meegemaakt je maakt tot wie je nu bent. Ik heb volmondig gekozen voor het laatste.

Mijn kinderen en mijn band met ze

Als moeder wil je gewoon zorgen voor je kinderen, maar zo’n verbinding hebben wij nu niet. Ik heb veel gemist van het opgroeien van mijn drie kinderen Bart, Richard en Jacqueline. Het moment waarop Jacqueline ongesteld is geworden heb ik niet bewust meegemaakt. Dat vind ik zo erg, dat doet nog pijn als ik er nu aan denk. Sommige moeders vinden dat moment misschien niet bijzonder, maar ik vind dat een heel bijzonder moment en ik vind dat echt erg dat ik dat gemist heb. Ik heb dat ook tegen Jacqueline gezegd dat ik het erg vindt dat ik er niet was toen ze me nodig had.

Jacqueline was een onzeker meisje tien jaar terug, maar ze is gegroeid en heeft veel inzicht gekregen in zichzelf. Ze kon haar grenzen wel aangeven naar mij in die tijd en werd wel eens boos op mij. Ze heeft zich sociaal heel erg ontwikkeld. Mijn kinderen waren behulpzaam naar mij in die tijd, maar geen hulpverlener. Eigenlijk hebben al mijn kinderen zich sociaal goed ontwikkeld. Bart meer in zakelijke contacten en Jacqueline en Richard in vriendschapsrelaties.

Richard zorgt graag voor anderen, dat zat er al vroeg in. Tien jaar terug was Richard niet zo spraakzaam naar mij. Hij wist niet hoe hij moest handelen of ergens woorden aan te geven. Hij vond het heel erg wat er gebeurde, maar hij was lief voor mij en was nooit boos. Richard heeft de neiging om zich aan te passen.  Je ziet aan hem dat hij er niet mee om kon gaan en dan ging hij de confrontatie niet aan. Hij zei dan tegen me dat ik lekker moest gaan slapen maar diep in zijn hart wou hij waarschijnlijk willen roepen dat ik naar boven moest gaan. Richard is nu geen ‘aanpasser’ meer en zegt eerlijk wat hij vindt. De relatie met Richard is nu verdiept en ik heb heel prettig contact met hem. Ik krijg leuke smsjes van hem of hij tilt me op als we elkaar zien en draait me rond in de lucht.

De kinderen hebben toch geleerd, om echt te kunnen vergeven. Ook mijn oudste zoon Bart die nu 28 jaar is en het meeste van alle drie kinderen alles bewust heeft meegemaakt, kan mij vergeven. Bart heeft de neiging om snel te zeggen ‘daar praten we niet meer over, dat is geweest’. Vroeger nam hij nam de ouderrol op zich en dat botste wel eens met zijn vader Pim. Bart wou de opvoeding niet overnemen, maar hij wou heersen over de andere twee kinderen en dat werd hem niet toegestaan door Pim. Ze zijn heel hecht met zijn drieën. Als ik nu een op een met Bart praat heb ik fijne open gesprekken met hem, ik houd veel van hem.

Ik heb met alle drie nu goed contact en vooral Jacqueline en Richard zoeken me regelmatig op. We hebben open en eerlijk gesprekken. Ze delen met mij over wat erin hen omgaat en wat hun dwars zit. Ze zijn zelfbewust en dus weten ze wie ze zijn. Laatst waren alle drie de kinderen bij mij thuis en dat is heerlijk. Echte liefde, onbaatzuchtigheid, zonder oordeel met elkaar omgaan.

Ik vind het prachtig hoe mijn ex-man Pim de kinderen heeft opgevangen. Hij heeft ze gestimuleerd om gesprekken te voeren met de verslavingszorg over hoe het is als je moeder te veel drinkt. Ze hebben dat echt nodig gehad. Richard en Jacqueline vertelden mij tien jaar geleden ook dat ze naar een doe- en praatgroep gingen. Later vertelden ze dat ze hun verhaal verteld hadden, zodat het opgenomen kon worden in een boek. Ze zeiden dat ze alles gezegd hadden en ik antwoordde dat ik dat heel goed vond. Ik vond het wel erg hoor, maar ik vond het wel heel goed! Met pijn in mijn hart heb ik het boek ‘Het blijven toch je ouders’ gelezen want mijn gebruik heeft veel kapot gemaakt. Maar ieder mens moet vrij zijn en je wordt pas vrij als je open en eerlijk kan praten. Wie ben ik om dat te gaan verbieden. Ik ben diegene die het veroorzaakt heeft.

Mijn ouders hebben ook heel veel verdriet gehad van mijn gebruik. Ze hebben veel ingesprongen voor de kinderen. Zo hebben ze elke woensdag gekookt voor mijn kinderen. Maar ik heb het gevoel dat ik ze nu pas echt zie. Ik heb met mijn ouders en mijn kinderen een betere band dan ik ooit heb gehad.

Mijn geloof

Ik ben gedoopt in de Rijn en nu hoor ik bij de Pinkstergemeenschap. Stanley heeft mij gedoopt met de hele gemeente erbij. Ik heb een getuigenis moeten afleggen waarom ik me heb laten dopen. Ik voel me geliefd, ik heb een hele lijdensweg afgelegd en ieder mens moet lijden. Lijden hoort bij het mens zijn. Zeker in deze wereld. Ik wilde me laten dopen, want ik geloofde gewoon in God. Zonder hem zou ik nergens zijn geweest. Ik heb ook het gevoel dat ik getrokken ben door ‘iets’. Het geeft me een rijk gevoel.

Toekomst

Ik heb verder geen wensen voor de toekomst. Het is prachtig zoals het nu is.

Jacqueline zal zich in de toekomst verder ontwikkelen en nog meer volwassen worden dan ze nu al is. In haar kern, haar karakter zal ze niet veranderen hoop ik. Ze zal in haar denken mogelijk nog verder groeien. Ik hoop niet dat ze haar puurheid verliest. Ik wens Richard een leuke vriendin toe in de toekomst en ook hij moet zijn puurheid niet verliezen. Er zit mogelijk een mooie toekomst voor hem op zakelijk gebied samen met zijn broer Bart. Bart heeft de zakelijke kant en Richard heeft de relationele kant ontwikkeld. Zo kunnen ze zich aan elkaar optrekken en leren van elkaar.

Een kleine toekomstdroom die ik voor me zie is het verzorgen van muziek bij conferenties vanuit de pinkstergemeenschap. Eens in het jaar heb je 4 dagen in Biddinghuizen een samenkomst. Daar wordt veel gebeden en gezongen. Deze bijeenkomsten zijn er ook gedurende twee maanden in Amerika. Ik zou wel eens een keer naar Amerika willen voor twee maanden om daar intern te verblijven. Ik zou dan bij conferenties de muziek kunnen verzorgen. Wij zijn aan het kijken of dat mogelijk is zeker ook vanwege de bewindvoering waar ik onder sta. Mijn talenten komen dan tot bloei en vallen samen met de uitoefening van mijn geloof.

Reflectie op het interview

Ik vond het spannend om mij te laten interviewen en was wel zenuwachtig vooraf. Ik was heel erg benieuwd welke moeite het mij kostte en of ik me nog heel erg schaamde. Ik vond het een goede toets voor mezelf. Maar ik vond het een fijn gesprek en ik merkte dat mijn schaamte echt weg was. Want schaamte kun je gewoon zien aan mensen. En soms kan je zelfs dankbaar zijn om hetgeen wat je hebt meegemaakt want het brengt je verder in je ontwikkeling. Dat lijkt misschien gek om zo te zeggen. Maar het leven op aarde zie ik als een grote leerschool. Jannie, mijn hulpverleenster zei altijd: Je mag vallen, maar niet opstaan is veel erger. Ik ben al struikelend verder gegaan in mijn leven en nu ben ik opgestaan.